<p>Tommy Bauling: Drempt,aan de Bronkestraat september 2020, olieverf op paneel. De heuvels van de Veluwe in de verte. </p>

Tommy Bauling: Drempt,aan de Bronkestraat september 2020, olieverf op paneel. De heuvels van de Veluwe in de verte.

Tussen heuvels en rivier

Tussen heuvels en rivier - In de verte

De vorige aflevering van Tussen heuvels en Rivier verscheen vrijwel gelijk met de kortste dag van het jaar, de winterzonnewende, vlak voor kerst. Het ene jaar is het andere niet, maar deze winter leek de donkerte taaier dan anders. Toch was het kortgeleden dan zover: lichte dagen! We herademen, naar licht voeg je je snel, je leeft op.

Dat ook de natuur opleeft, dat weten we wel, maar wonderbaarlijk genoeg zien we de bewegingen ieder jaar weer alsof we ze voor het eerst meemaken.

Een van de grote voorrechten van het wonen in onze streken is, dat we de veranderingen in de natuur van dichtbij kunnen volgen. Als er geen pak sneeuw ligt en we keren ons niet geheel naar binnen, kunnen we zien dat de natuur amper stilstond, ook niet in de koude donkere winter.

De veranderingen buiten zijn tegelijk klein en groot. Voor het oog valt in de eerste plaats het heerlijke terugkeren van het licht op. Minstens zo fascinerend echter is de terugkeer van de kleur in het landschap. We bedoelen dan niet de spectaculaire bloei van de toverhazelaar en ook niet de voorjaars-bolgewassen, nee, het is een soort gedaanteverwisseling die zich in het landschap voltrekt.

Over de weiden, in bomen en struweel komt iets dat er daarvoor niet was. In bomen en struiken komt de sapstroom komt weer op gang en het gras maakt een voorzichtige aanzet tot nieuwe groei. Zo krijgt geboomte kleur lang voordat er sprake is van het opengaan van knoppen. Inderdaad is dit tegelijk subtiel en groots.

Het verschijnsel doet zich voor in de snelst-groeiende delen van bomen en struiken: hun twijgen. Wilgen spannen de kroon, die kunnen spectaculair intens-geel kleuren, geel als kerrie. Vaak valt dat van het ene moment op het andere op, alsof het plotseling gebeurde. Elzen, onze bescheiden zwarte elzen, hebben in deze tijd van het jaar een schitterende tint, bronzig, met soms, in het juiste licht, een vermoeden van violet.

Bekijk je de boom van dichtbij, dan geloof je je ogen niet bij het ontdekken van de ronduit blauwe knoppen. Blauw! Alles wat in dit seizoen groeit is volmaakt omdat nog niets het aangetast heeft. Schoonheid als deze, die je zelf ontdekt, is van veel grotere verfijning dan klaterende pracht. De els is maar een voorbeeld. De honingkleurige glans van de linde zal de komende tijd steeds duidelijker worden. Nu is daar nog wat extra zonlicht voor nodig. Alle bomen maken dit stadium door, alle op hun eigen manier, in hun eigen kleur en soms zelfs geur!

Vanaf het moment dat de kleur in weer in het landschap trekt, gaat buiten alles snel. Als je niet gewend bent, daarop te letten, wacht je. Op het opkomen van die voorjaarsbolletjes, op meer vogelactiviteit, op het ontluiken van groen, op bloesems. Dat komt allemaal, dat vooruitzicht blijft. Als je met andere ogen kijkt, openbaart zich meer. Het mooie seizoen blijkt dan al begonnen en het is nu dus langer!

Wat kleur in een landschap doet, daar kunnen ook schilders over vertellen, in verf. Als het landschap ruim is, er een verte is, met een horizon waar een boom, een glooiing door licht gevonden kan worden, zien we op schilderijen naar die verte toe alles langzaam blauw worden. Op onze ‘eigen’ heidevelden is dit gemakkelijk in het echt waar te nemen en als je weet dat het zo werkt, is het onontkoombaar.

Vanuit het Wissels Veen ligt de hogergelegen Tongerense Heide als een geheim in de verblauwde verte. En weer is de streek tussen Veluwe en IJssel een juweel. Waar de heuvels en de rivier elkaar wat dichter naderen en geen bebouwing in de weg staat is het zicht op de Veluwe adembenemend.

Vereniging Milieuzorg Epe
milieuzorgepe@gmail.com

Meer berichten