<p>Marjolein Menke Bomen bij Oene, olieverf op linnen, 35x40cm, 2019.</p>

Marjolein Menke Bomen bij Oene, olieverf op linnen, 35x40cm, 2019.

(Foto: Marjolein Menke)

Tussen heuvels en rivier - Nieuw groen

Afgelopen weekend stond in een landelijk dagblad een opmerkelijk verhaal over een echtpaar een eeuw geleden in Berlijn, twee vogelliefhebbers die hun leven besteedden aan het onderzoek naar vogels.

Op een bovenwoning kweekten zij bijna driehonderd Midden-Europese soorten vogels op uit ei, bijna alle voorkomende soorten. Het was de foto bij het stukje die mijn aandacht trok. Op de handen van Magdalena Heinroth zitten drie kauwen, duidelijk volkomen op hun gemak. Waarschijnlijk zagen zij mevrouw Heinroth als hun moeder.

Ik dacht aan Franciscus van Assisi, de Italiaanse monnik die rond 1200 leefde en van wie gezegd wordt, dat hij met vogels praatte die vrij leefden, in het wild. Praten met vogels is het niet vanzelfsprekend, die zijn vrijwel altijd schuw. We weten dat vogels in onze directe omgeving enigszins met onze gedragingen vertrouwd kunnen raken en dat roodborstjes zelfs naar ons toe komen als we in de tuin werken, maar daar blijft het meestal bij. Het ligt aan ons gedrag of dieren ons vertrouwen of niet. En het ligt aan hoe wij naar de natuur in het algemeen kijken.

Twee jaar geleden oostelijk van Oene sprak ik een man die een houtwal aan het planten was. Hij stelde heel bewust een singel van gemengd ‘plantsoen’ (plantgoed) samen rond zijn land om vogels, kleine zoogdieren en insecten bescherming en voedsel en nestgelegenheid te bieden en tegelijk zijn schapen beschutting tegen zon en wind te geven. Ik ging er onlangs kijken zag hoe het landschap intussen veranderd was. Het was er (nog) behaaglijker geworden. Een kleine akker winterrogge stond in aren. Het was er alsof je terug in de tijd keek, maar nee, dit gebeurt nu! En de boomplanter uit Oene is niet alleen.

Omdat het voorjaar dit jaar koud is, ontplooit de natuur zich langzaam. Dat heeft zo zijn voordeel. Er is nu meer tijd om te zien hoe in het voorjaar de lege ruimte om ons heen zich vult die de winter achterliet. Als de bomen blad krijgen, gaat dat opeens snel. Hoe hun volume toegenomen is gedurende het vorige seizoen niet gemakkelijk te zien, want hoe onthoud je hoe hoog

een boom voor de winter was en hoe omvangrijk? We kunnen niet veel meer dan aannemen dat hij gegroeid is. Hoe nieuw aangeplant groen in onze omgeving zich gaat ontplooit is een stuk duidelijker te onderscheiden.

Vooral de laatste paar jaar is er op heel veel plekken in het land nieuw groen bijgekomen, ook in onze omgeving. Tegenover het verlies aan bomen staan de initiatieven om hagen te planten en het landschap en het vee bomen terug te geven.

Heel jonge bomen vallen aanvankelijk amper op. Maar het zou wel eens een grote, aangename verrassing kunnen worden om te zien hoe de bomen en struiken die de afgelopen jaren geplant zijn langzaam maar zeker onze omgeving veranderen. Met hun toenemende volume zullen zij dit voorjaar een stuk duidelijker aanwezig zijn.

Hoe de wereld er uitziet, hangt af van hoe wij naar haar kijken. En veel dingen buiten waarvan wij denken dat ze bij vroeger horen, zijn in principe van alle tijden. Het gaat er om, de natuur de mogelijkheden te bieden die zij nodig heeft. Groen dat wij missen, kunnen we eenvoudig opnieuw planten. De variatie in soorten dieren en planten die lang de normaalste zaak van de wereld was, zal zich herstellen als wij het landschap opnieuw aankleden en ons eigen kleine erf vergroenen, liefst met inheemse soorten.

Voor het planten van hagen en bomen is het seizoen nu voorbij. In het najaar zullen we schrijven over geschikte soorten voor onze omgeving, van Veluwe tot IJssel.

Vereniging Milieuzorg Epe
milieuzorgepe@gmail.com

Meer berichten