Foto:
Columns

Job

Al mijn Veluws Nieuws-jaren heb ik er bewust voor gekozen om onze zoon geen podium te geven. Geen foto’s, geen tekst. Ik vond dat niet kies. Toch gaat het nu wel gebeuren.

Vanwaar die verandering in denkwijze? Nou, de afgelopen periode gebeurde er veel in de wereld, en specifieker nog in onze familie, die niet altijd even leuk waren. Steeds zag ik zijn ongelofelijke flexibiliteit en veerkracht. Daar moet ik iets over vertellen. Sommigen van u kennen hem wellicht. Maar is dat niet zo, dan is ‘t ook goed. Dan heeft u vast zelf een zoon, dochter, neefje, nichtje of buurtkind die zorgt dat u zich indirect in mijn woorden kunt herkennen. Dit stuk draait namelijk om trots. Ik ben trots op onze zoon. Op hoe hij in het leven staat. Aan de ene kant serieus, aan de andere kant onbevangen en enthousiast.

Om met die laatstgenoemde kant te beginnen. Hij houdt onder andere van sport. Hij zit niet in het eerste team, maar gaat met veel plezier naar de voetbaltrainingen bij SV Epe. Regen of geen regen, hij heeft er altijd zin in en behandelt iedereen met respect. De jongens en meisjes van het team verzamelen voor de trainingen voor ons huis. Die voorpret alleen al, is prachtig om te zien.

Dat sportgevoel is vergroot sinds hij dit jaar op de RSG NO-Veluwe de Talentstroom SportGroep (ook wel Sportklas) volgt. Zelf voor gekozen, zonder de hulp van zijn ouders. Op zich best bijzonder wanneer je weet dat de basisschoolvrienden (van hetzelfde niveau) allemaal naar Heerde gingen. Zo’n duidelijk keuze voor jezelf, vervult mij met trots. Je moet het maar durven, in je eentje naar een nieuwe school...

Nu even over de serieuze kant. Daarvoor moet ik eerst even terug naar die overgang van basisschool naar RSG. Dat is op zich al een bijzondere periode natuurlijk. Ware het niet dat corona bij deze brugpiepers voor een onrustig jaar heeft gezorgd. Wat blijkt? Hij gaat daar erg volwassen mee om. Ook al zijn de lessen online, hij doet altijd z’n best, hij haakt nooit af. Ik zou dat op zijn leeftijd niet gekund hebben. Ik was allang afgeleid. Verder is er weinig contact met zijn hele klas. Toch heeft hij al enkele nieuwe vriendschappen gesloten.

En het leerniveau? Dat ligt hoger dan hem in groep 7 geadviseerd is. Indertijd overtuigden de juffen van die klas hem ervan dat hij misschien wel beter zou kunnen. Hun advies? ‘Niet enkel kiezen voor geinen en spelen met vrienden, maar ook aandacht besteden aan jouw leerwerk’. Sindsdien zag je bij hem een omslag in denken. Ook hier kan ik aanvullen: dat heeft hij niet van mij.

Dan nog een dingetje van serieuze aard. Onze zoon staat ALTIJD voor anderen klaar. Belangeloos. Vraag ik iets, dan pakt hij dat zonder mokken. Moet er wat gekookt of gebakken worden, dan helpt hij mee. Wanneer anderen iets vragen, is er eveneens nimmer twijfel. “Wil je iets uit dat onderste kastje pakken? Ik kan niet goed bukken.” Hop, daar gaat hij al weer. Spontaan hulp aanbieden doet hij ook. “Opa, heb je al gewandeld? Zal ik anders even met je meegaan?” Het volgende moment lopen ze een rondje; de kleinzoon en de opa die dementie heeft.

Om deze redenen is het wat mij betreft terecht dat ik op deze plek toch eens aandacht aan hem besteed. Dit is een beloning van lovende woorden: jij doet het geweldig, jij mag er zijn. Daar zijn wij als ouders supertrots op. Deze column is speciaal voor jou, Job.

Dennis Dekker

Meer berichten